Ontstaan
Start Omhoog Ontstaan Bewoners Geschiedenis

 

Hoe Stal Donderboer is begonnen

 

                                

Neeltje 19 141S

Mijn fokkerij is begonnen in 1985 met het kopen van twee goede fokdieren uit de 'Neeltjes' stal van G. Arends uit Schipborg, te weten Neeltje 18 en Neeltje 19. Hoewel bij het aankopen van deze twee dieren, mij werd verteld dat Neeltje 18 een betere fokgeit zou worden dan Neeltje 19, moet achteraf worden geconcludeerd, dat Neeltje 19 een veel dominantere rol in mijn fokkerij heeft gespeeld. Mijn hele stal, d.w.z. de 'Geertjes'-lijn komt uit deze geit. Dat het een sterke geit is geweest , mag blijken uit het feit dat ze ruim 16 jaar oud is geworden.

Een directe nakomelinge van haar was Geertje 3. Met deze Bouke dochter heb ik jaren goed kunnen fokken. Het was en harde en sterke geite. Twee bekende dochters van haar zijn Geertje 6 (geb. 26-03-1987 vader: Uranus van Brk) en Geertje 19 (geb. 23-04-1989 vader: Born van Brk). Geertje 19 heb ik nog. (zomer 2003).

Zowel Geertje 3 als Geertje 6 liepen op de verschillende keuringen regelmatig mee met voor het kampioenschap. Vaak met succes. Een bok uit Geertje 6 is Linze van Donderboer. Deze Jelle van Donderboerzoon werd provinciaal kampioen in 1999. Een bok met een machtige voorhand. Ook Jelle van Donderboer staat nog steeds bij mij op stal. Deze bok komt uit Geertje 4 keer Hannes van Donderboer. Uit dezelfde moeder werd in 1990 de bok Eltjo van Donderboer geboren. Deze bok heeft bij mij een grote stempel op de fokkerij gedrukt. Hij heeft slechts enkele jaren gedekt, maar heeft in die jaren uitstekende nakomelingen voortgebracht in het hele land. De vader van Eltjo was Danil van Brk

Naast de 'Geertjes'-lijn heb ik ook een 'Renske'-lijn. Deze lijn komt uit de bekende stal van dhr. Sikkenga uit Westerbork, de Brk-lijn. In 1989 heb ik twee geiten gekocht, te weten: Martha 140 en Martha 171. Ook hier zijn de verwachtingen anders uitgekomen dan ik van tevoren had ingeschat. Van Martha 140 had ik grote verwachtingen. Deze Uranus van Brk dochter kwam uit de beginlijnen van dhr. Sikkenga, nl. Martha 16. Volgens kenners uit die periode was dit n van de beste geiten van hem. Helaas heb ik weinig geluk gehad met de fokkerij van haar. Op dit moment heb ik nog n dochter van haar op stal, Renske 27. Daarentegen heeft Martha 171 ontzettend veel betekent voor de fokkerij. Niet alleen voor mij, maar ook elders in het land lopen verscheidene nakomelingen van haar.

Jarenlang heb ik steeds in eigen lijnen doorgefokt en niet zonder succes. Steeds proberen de slechte eigenschappen eruit te fokken en het goede te behouden. Enige jaren geleden heb ik voor het eerst een geheel andere bloedlijn 'binnengehaald'. Geertje 44 werd gedekt door de bok Interlan. Deze bok komt uit de stal van J. Lanting uit Aalden. De nafok kan ik als volgt omschrijven: Goede typische dieren met een goede hoogtemaat, meer melk maar ook meer luxe. Inmiddels ben ik een aantal jaren verder en heb hiermee weer teruggefokt in mijn oude bloedlijnen, middels oude fokdieren.

Ook heb ik in het seizoen 1998/1999 gebruik gemaakt van de bok Albert van dhr. J. van Burgsteden uit Eesveen. De geit Renske 14 werd gedekt door deze bok. Hiervan heb ik op dit moment een bok aan overgehouden, nl. de bok Nino van Donderboer. Ook hier heb ik meer hoogtemaat binnengehaald en meer luxe.